Groeneveld

   

Kasteel Groeneveld, buitenplaats tussen stad en land, is ontstaan begin 18e eeuw. Een aantal lange wandel- en fietsroutes komt langs het kasteel. Maar ook de korte-afstandlopers komen aan hun trekken. Behalve uitgestrekt park en een mooi landhuis, beschikt het landgoed ook over bos, boerderijen en weiland. Sinds 1982 herbergt Kasteel Groeneveld het Nationaal Centrum voor bos, natuur en landschap. Een platform voor platteland en landschap. Het kasteel en bijbehorend landgoed is open voor publiek en er zijn regelmatig wisselende tentoonstellingen voor volwassenen en kinderen.

Ligging

Kasteel Groeneveld ligt in de gemeente Baarn. Tegen boswachterij De Vuursche aan maar ook dichtbij de polders van de Eem. Het landgoed ligt dus op de grens van nat en droog. Dit was vrijwel altijd het geval bij landgoederen. Vervoer van goederen en personen vond in de 18e eeuw voornamelijk plaats via het water. De vroegere Amsterdamse eigenaren kwamen in mei via het IJ, de Zuiderzee en de Eem naar hun buitenverblijf en in september gingen zij via het water weer terug. Ook was er water in de buurt nodig voor de waterpartijen in de tuin. Voor akker- en bosbouw had men echter droge grond nodig.

Hoe komt u er?

Kasteel Groeneveld ligt in de gemeente Baarn, aan het begin van de Amsterdamsestraatweg. Het kasteel heeft een ruime, gratis parkeerplaats. Ook kunt u met het openbaar vervoer komen. Vanaf Station Baarn rijdt van maandag tot en met zaterdag eens per uur bus 73 vanuit Soest richting Eemnes. Stap uit bij halte Drakenburgerweg. Het is ook mogelijk op station Baarn een fiets te huren. Vanaf Station Hilversum rijdt bus 109 eens per half uur richting Bussum, halte Oude Amsterdamse straatweg (bij wooncentrum Nijhof).

Honden
Mogen op de meeste plekken los lopen.

Wandelpaden

Op Groeneveld is door Staatsbosbeheer een wandeling uitgezet: de Engelse parkwandeling. Lengte is 6 kilometer. Duur: 1,5 tot 2 uur. Start naast Kasteel Groeneveld. Volg rode bordjes. Bij de informatiebalie van het kasteel is een beschrijving te verkrijgbaar. Het pad is geschikt voor kinderwagens. Ook mag uw hond er vrij rondlopen. Het Kabouterpad is speciaal voor kinderen. Volg de kabouters. De eerste kabouter staat aan het begin van de lange laan naast het kasteel. Een beschrijving met opdrachtjes is te koop in het kasteel. Voor gezinnen met grotere kinderen zijn spannende gps-wandelingen uitgezet. Bij de informatiebalie kunnen ze u er meer over vertellen. Ook is er een NS-wandeling over Groeneveld >>>

Eigenaar

Het landgoed rond het kasteel is eigendom van Staatsbosbeheer. Het kasteel zelf is in handen van het Ministerie van LNV.

Omvang

Landgoed Groeneveld heeft een oppervlakte van ongeveer 130 hectare.

Verklaring naam

Groeneveld was in de 18e eeuw een populaire naam voor landgoederen. Er zijn meer landgoederen geweest met deze naam onder andere bij Leiden. Een ding is zeker: er heeft nooit een familie Groeneveld op het landgoed gewoond. De naam zal dus wel verwijzen naar het mooie groene grasland van de polder, waar men vanuit het huis uitzicht op had. Dat Groeneveld 'kasteel' heet is op zich vreemd. Een kasteel heeft kantelen en een ophaalbrug. Kasteel Groeneveld is duidelijk een landhuis. Toen Groeneveld gebouwd werd was Baarn een boerengehucht. Waarschijnlijk vonden de eenvoudige inwoners van Baarn het nieuwe huis zo groot dat ze het 'kasteel' noemden.

Geschiedenis

Halverwege de 17de eeuw ontwikkelt zich een nieuwe trend. Door de toenemende welvaart in de Republiek - onder meer door de overzeese handel van de VOC - komen er steeds meer rijke stedelingen, die zich een zomerhuis kunnen veroorloven. In de provincie Utrecht bouwen - voornamelijk Amsterdamse - kooplieden langs de Vecht en rond de steden Utrecht en Amersfoort aantrekkelijke buitenplaatsen. Amsterdam is in de Gouden Eeuw veruit de rijkste stad van de Republiek. Door de VOC-handel vergaren in relatief korte tijd Amsterdamse kooplieden en speculanten veel geld waardoor zij zich een buitenplaats kunnen veroorloven.

Ook op kasteel Groeneveld hebben veel Amsterdamse kooplieden en speculanten gewoond. Maar het begon met een gevluchte zuiderling. Marcus Mamuchet - zoon uit een koperslagersfamilie - koopt rond 1696 een stuk grond bij Baarn waarop hij een buitenplaats bouwt. De tuin laat hij aanleggen in de Franse, formele stijl. Mamuchet sterft kinderloos in 1730 en zijn nichten verkopen het landgoed. Het is het begin van een reeks eigenaren die elk hun stempel op het landgoed drukken. Niet alleen het huis, maar ook de tuin ondergaat veranderingen. Van een strakke Franse, formele tuin (symmetrie, rechte lijnen en geometrische vlakken) verandert de tuin in een speelse Engelse landschapstuin. Voorzichtig verschijnen achterin de tuin een aantal slingerbosjes. Maar in de loop der tijd transformeert de gehele tuin in een landschapspark. Dit gebeurt tussen 1774 en 1900. De bewoners proberen een volmaakt romantisch landschap te realiseren door middel van speelse vormen en lijnen een 'natuurlijk' landschap te creëren.

Kronkelende beken, slingerpaden, bruggetjes, heuvels, vijvers en verrassende doorkijkjes spelen staan nu centraal. Van de oorspronkelijke strakke, Franse tuin blijven alleen de zichtas (de oprijlaan) en dwarsas voor het huis bewaard. Rond 1900 raken het huis en park in verval. In 1938 komt het park en - twee jaar later - landgoed Groeneveld in bezit van Staatsbosbeheer die 30 jaar later het landgoed en zijn tuin grondig renoveert.

Wat kunt u in dit gebied verwachten?

Bijzondere flora: In de buurt van de ijskelder, Liriondendrons of tulpenbomen van meer dan 100 jaar. Het bijzondere is dat de tulpenbomen hier een bos vormen. Meestal staan de bomen alleen. Doordat de bomen op Groeneveld in een grote groep bij elkaar staan, zijn ze enorm groot geworden. De 'tulpen' zijn daardoor alleen te zien als ze op de grond zijn gevallen. Verder: Moerascypres, Varenbeuk, Treurbeuk, Lindes, eiken vergroeid met beuken (vaak geplant voor een speciale gelegenheid zoals een huwelijk) .
Bijzondere fauna: Door verschillende landschappen op het landgoed 40 verschillende broedvogels. Boomklever in hoge beuken. IJsvogel. Bosuilen. Heel veel volgens uilenroeper Ton Eggenhuizen. Zijn gek op de holle bomen. Ideaal om nesten in te maken. Bovendien houden uilen niet van bossen vol bomen. Ze hebben ruimte nodig en daar voldoet het gebied rond Kasteel Groeneveld aan. Verder: spechten (groene en grote bonte) en vleermuizen. Ook een reigerkolonie van blauwe reigers in hoge beuken in het park en holenduiven. Regelmatig gesignaleerd: zwemmende ringslangen. Ook schijnen er dassen te leven op landgoed Groeneveld en aangrenzende gebieden.

In het voorjaar: veel bloeiende bomen. In februari zitten de reigers al op het nest te broeden. Soms met ijs op hun snavel. Het nest met 3 - 5 blauwgroene eieren wordt door beide ouders bebroed. De jongen worden vanuit de maag gevoed. De reigers voeden zich voornamelijk met waterdieren uit de nabijgelegen Eempolder. Ook mollen en ringslangen behoren tot hun menu.  

In de zomer: veel waterplanten en exoten. Langs waterpartijen: oeverzegge, hoge cyperzegge. Bij de Wijnberg: koningsvaren, groeit langzaam en kan meer dan 100 jaar worden. In de Drakenburger Grift, die voor de aanvoer van het water op het landgoed zorgt: drijvend fonteinkruid. Langs de Ravensteinse laan: waterviolier en moeraswalstro in de sloot. Onder eiken komt hengel voor, een saprofyt (een organisme dat leeft van de resten van dode organismen) op onder andere eikenwortels. 

In de herfst: mooi verkleurde bomen te zien en veel paddenstoelen. Op beuken zijn enorme warrelknoesten te vinden. Warrelknoesten ontstaan door woekergroei van slapende knoppen langs de stam van een boom. Dit komt door een infectie, een bacterie of een insect. Het harde hout van de warrelknoest wordt in plakken gezaagd gebruikt als decoratieve inleg in kleine houten tafeltjes. Wat betreft de paddenstoelen: veel porceleinzwammen en witte bultzwam op beuken te zien .

In de winter: mooi jaargetijde om de bomen te bekijken. Loofbomen: beuk (onder andere mooie alleenstaande rode beuken), zomereik, tamme kastanje, haagbeuk, linde, Amerikaanse eik, acacia en es in natte gedeelte. Vleermuizen (grootoor-vleermuizen, baardvleermuis en dwergvleermuis, zo'n 20 stuks in totaal) overwinteren in de ijskelder. Ga ook eens naar de Wijnberg: Het is niet precies duidelijk hoe deze berg aan zijn naam komt. Eén versie verhaalt dat landarbeiders in de winter de vijver moesten graven. Van het zand afkomstig uit de vijver werd de Wijnberg gemaakt. Dit werk was zo zwaar dat de arbeiders dagelijks iets extra’s kregen om ze tevreden te houden: een kruikje wijn.

Meer informatie

Voor meer informatie, kijk op de site van Kasteel Groeneveld of Collectie Utrecht. Beide sites zijn als bron gebruikt voor bovenstaande tekst. Ook wordt er een boekje verkocht in de winkel van Kasteel Groeneveld wat gaat over de geschiedenis van het kasteel. Verder: kaart 23 van Staatsbosbeheer. De complete wandelkaart voor de bezoeker van De Vuursche en Groeneveld. Alle paden staan hierop duidelijk weergegeven.

Eerste zeven foto's door Ralph Koek, overige foto's IVN Eemland

gebruik het volledige scherm